Site hosted by Angelfire.com: Build your free website today!

Drietand

Acronicta tridens
Uilen

De drietand vliegt van begin mei tot half augustus in twee generaties.
Het is overal waar voldoende bomen groeien een vrij gewone vlinder.
Ook op de Waddeneilanden en in de duinen is het een gewone soort.
De vlinder rust graag op boomstammen.

De spanwijdte van de vleugels bedraagt 30 – 40 mm.
De voorvleugels zijn grijsbruin met dikwijls 2 zwarte, pijlvormige strepen.
De drietand, de psi-uil en de grote drietand zijn (bijna) niet
van elkaar te onderscheiden; genitaalonderzoek is hiervoor noodzakelijk.
Wel is de psi-uil meestal iets lichter van kleur.
De rupsen zijn duidelijk verschillend.

De zeer bont gekleurde rups is in tegenstelling tot de meeste uilenrupsen
lang behaard en heeft op het eerste achterlijfssegment een behaard knobbeltje.
Het lichaam wordt tot 40 mm lang.
Hij leeft onder andere op sleedoorn, meidoorn en berken.
Wel lijkt de rups op die van de donsvlinder, maar bij de drietand
zijn de rode delen meer oranje of geel van kleur.
De rups verpopt in een stevige cocon onder schors of in vermolmd hout.
De pop overwintert, soms twee keer.
 
 
 
 
Terug naar:

Home
Vlinders
Soortbeschrijvingen