Site hosted by Angelfire.com: Build your free website today!

Zwartsprietdikkopje

Thymelicus lineola
Dikkopjes

Het zwartsprietdikkopje is een algemeen voorkomende vlinder.
In juli en augustus vliegt hij in bermen en (ruige) graslanden.
Ook op open bosplekken en plaatsen met struiken is hij te vinden.
De vlinders besteden flink wat tijd aan het opnemen van nectar.

Hij heeft een vleugellengte van 12-14 mm.
De vleugels zijn lichtbruin tot geel zonder tekening op de bovenkant.
De vleugelranden zijn donker van kleur.
De onderkant van de zwartsprietdikkop is zwart.
Op de onderkant van de voorvleugel heeft de vleugelpunt dezelfde kleur
als de rest van de vleugel, terwijl hij bij veel geelsprietdikkopjes
eerder groenbruin gekleurd is.
Het zwartsprietdikkopje is meestal iets kleiner dan het geelsprietdikkopje.
De geurstreep van het mannetje loopt evenwijdig aan de aders van de voorvleugels.
Hij heeft kleine zwarte knopjes op de sprietjes.

Als voedselplanten voor de rups dienen diverse grassoorten zoals kropaar,
gladde witbol, kweek, gevinde kortsteel en raaigras.
De witte en platte eieren worden in kleine groepjes afgezet
in bladscheden van breedbladige grassen.
Het ei met reeds ontwikkelde rups erin overwintert in bloeiaar of bladschede.

De rups (tot 25 mm lang) komt in april uit het ei.
Vanuit een zelfgemaakt kokertje gaat ze voedsel zoeken.
Het lijf is grasgroen met witachtig-groene lengtelijnen
die verdacht veel op de nerven van grasbladeren lijken.
Op de rug zit een vrij brede groene middenstreep.
Hij lijkt veel op de rups van het geelsprietdikkopje
maar is daarvan te onderscheiden door duidelijke witte en gele strepen op de kop.
Vóór het verpoppen wordt een bladerencocon gemaakt.
 
 
 
 
Terug naar:

Home
Vlinders
Soortbeschrijvingen