
De streepjesdwergspanner (spanwijdte tot 24 mm) is erg onopvallend
en vliegt vanaf begin april tot in september maar vooral in mei en juni.
Het is in Nederland een gewone soort op droge zandgronden
en in de duinen, daar waar de jeneverbes staat.
Juist door de gekweekte jeneverbes is de soort in aantal gegroeid.
Intricata betekent verward, kluwen; dit slaat op de
vele gegolfde dwarslijnen op de grijze ondergrond.
De spanwijdte bedraagt 20 – 24 mm.
In rust heeft hij het achterlijf los van de vleugels
en de vleugels plat op takje of naalden.
Hij is nachtactief en komt op licht.
Jaarlijks is er één generatie.
De rups vinden we behalve op jeneverbes ook op cypres.
Hij is te zien van juni tot september.
Door het groene lijf met de witte strepen is hij moeilijk
tussen de jeneverbesnaalden te vinden.
Hij heeft veel weg van de rups van jeneverbesspanner
die echter een bontere indruk maakt.
Het lijkt wel of de rupsjes ontzag hebben voor de naaldpunten;
ze zitten bij voorkeur aan de basis van de naalden.
De rupsjes worden vaak door sluipwespen aangetast.

Terug naar: