Site hosted by Angelfire.com: Build your free website today!

Gelobd halmuiltje

Oligia strigilis
Uilen

Het gelobd halmuiltje vliegt van mei t/m augustus in één generatie.
Het is een vrij gewone vlinder die verspreid over grote delen van het land voorkomt.
In kleigebieden echter is hij schaars of helemaal ontbrekend.

De vlinder is met een spanwijdte tot 25 mm de grootste Oligia.
De buitenste dwarslijn aan de vleugelachterrand
is sterk naar binnen gebogen.
Tegen de dwarslijn op de aders steken meestal duidelijke,
zwarte, scherpe tandjes het zoomveld in.
De vlinder wordt overdag vaak rustend op bomen, muren e.d. aangetroffen.
De soort lijkt zeer op het donker halmuiltje
en het bont halmuiltje waarbij alleen onderzoek
van de genitaliën uitsluitsel kan geven.

De eitjes worden waarschijnlijk in de bladscheden van grassen afgezet.
Deze dienen als voedselplant voor de rupsen.
Deze leven in het binnenste van de halm en verlaten de halm alleen
om van halm te wisselen (geldt voor alle halmuiltjes).
 
 
 
 
Terug naar:

Home
Vlinders
Soortbeschrijvingen