
Van half juni tot eind augustus vliegt
de duizendbladdwergspanner in één generatie.
Hij staat als lokaal en zeldzaam te boek.
Er zijn niet veel vindplaatsen in Nederland bekend.
Toch zal de soort waarschijnlijk een
grotere verspreiding hebben dan tot nu toe bekend is.
Gericht zoeken naar de rupsen kan hierover wellicht meer duidelijkheid geven.
Het is een warmteminnende soort.
De duizendbladdwergspanner behoort tot de grotere Eupithecia's.
Hoewel ze tot de 'grijze' soorten behoort,
zitten er wel wat opvallende kenmerken op de voorvleugels.
Deze zijn vrij spits, met vele dwarslijntjes, waarvan de middelste
zich met een scherpe hoek om de kleine stigmavlek heen slingert.
Er is een duidelijke witte golflijn in het achterrandsveld aanwezig.
De tekening lijkt wel wat op die van de larixdwergspanner,
maar die soort is kleiner en heeft bredere voorvleugels.
Bovendien bezit deze laatste meestal een wit vlekje achter op de torax,
welke bij de duizendbladdwergspanner ontbreekt.
De rupsen leven op duizendblad, waarvan ze in de periode half september
tot eind oktober zich tegoed doen.
De planten moeten bij voorkeur enigszins beschut staan,
dus niet in het open veld.
Door vorm, kleur en tekening zijn de rupsjes moeilijk
van de (uitgebloeide) bloemen te onderscheiden.
Terug naar: