Site hosted by Angelfire.com: Build your free website today!

Vingerhoedskruiddwergspanner

Eupithecia pulchellata
Spanners

De vingerhoedskruiddwergspanner vliegt van 29 april tot 18 augustus.
Een eventuele tweede generatie vliegt rond het midden van juli.
De hoofdvliegtijd is eind mei en begin juni.
Tot voor kort werd aangenomen dat de soort alleen in Zuid-Limburg voorkwam.
Nu er wat bewuster naar deze dwergspanner is gezocht, blijken er
meer vindplaatsen te zijn verspreid over een groot deel van ons land.

De vlinder heeft een spanwijdte van 18 – 22 mm.
Hij lijkt sterk op de vlasbekdwergspanner maar deze is
over het algemeen kleiner.
Het belangrijkste verschil is de donkere middenband,
die bij de vlasbekdwergspanner aan de buitenrand vrij regelmatig is
en geleidelijk afbuigt, terwijl die bij de vingerhoedskruiddwergspanner
grilliger is en aan de voorrand naar binnen buigt.
Ook is de middenband is bij de vlasbekdwergspanner
meestal veel donkerder (soms zelfs zwart).
Men dient overigens pas rekening te houden met de vingerhoedskruiddwergspanner
op de groeiplaatsen van de voedselplant (vingerhoedskruid), want er zijn
nooit exemplaren ver hiervandaan gevonden.
De vlinder vliegt in de schemering rond de waardplanten
en wordt gemakkelijk aangetrokken door licht.

Het ei wordt op of bij de bloem afgezet.
Het rupsje leeft in de bloemen van gewoon vingerhoedskruid,
die op schaduwrijke plaatsen staat.
De rupsen zijn eenvoudig te vinden door te zoeken naar de dichtgetrokken openingen
van de bloemen in het midden van de tros.
De kleur van het rupsje is variabel rood, wit, groen of geel.
De rupsen worden dikwijls geparasiteerd.
De pop overwintert.
 
 
 
 
Terug naar:

Home
Vlinders
Soortbeschrijvingen