
De vliegtijd van de populierentandvlinder ligt tussen half mei en half augustus.
Er is in die tijd één generatie.
De soort heeft zich de laatste tijd in noordelijke richting uitgebreid
en lokaal kan hij zelfs redelijk gewoon zijn.
De noordelijke areaalgrens ligt nu over de noordelijke provincies.
Het is een variabele soort met een spanwijdte van 32 – 39 mm.
Er zijn lichte, maar ook donkere exemplaren
met een nauwelijks herkenbare middenband.
De rups wordt tot 30 mm lang.
Zijn lijf is groen met twee wijd uit elkaar staande,
gele dorsale lijnen met daar tussen een serie rode vlekken,
vooral op de achtersegmenten.
De kop is donkerder groen met fijne stipjes.
Hij voedt zich met (ratel-)populier.
Terug naar: