
De paddestoeluil is een ongewone vlinder die verspreid
over het hele land kan worden waargenomen.
De hoofdvliegtijd ligt tussen eind juni en begin augustus
waarbij hij vliegt in één en soms 2 generaties.
De vlinder ziet er uit als een spanner en leeft zeer verborgen.
Oude, bemoste muren zijn voor hem belangrijk.
De vleugels hebben een spanwijdte van 18 – 28 mm.
De rupsen leven op paddestoelen en dood hout wat begroeid is met korstmossen.
De volwassen rups is zwartachtig met gele puntwratten
waarop lange dunne haren zitten.
Hij heeft een opmerkelijke verpopping: in een soort hangmat.
De met algen en korstmossen gecamoufleerde ovale cocon
hangt vrij aan twee spindraden.
Terug naar: