
De hoofdvliegtijd van de leverkleurige spanner
ligt tussen begin mei en half augustus.
Gedurende deze tijd vliegen er twee generaties.
Het is in ons land een gewone vlinder die lokaal en verspreid voorkomt
met voorkeur voor vochtige gebieden zoals broekbossen.
Hij er echter nergens talrijk.
Deze overdag vliegende nachtvlinder heeft een spanwijdte van ongeveer 24 mm.
Hij is niet te verwarren met andere vlinders.
Vaak rust hij op de onderkant van een blad, vaak met de vleugels opgeklapt.
De vleugels hebben een lichte voorrand en de franje is geblokt.
De rups is te zien van juni tot september.
Hij leeft solitair op de bladonderkant van els en berk.
Net als de vlinder is ook de rups herkenbaar getekend.
Daarnaast is hij van stekeltjes voorzien.
De pop overwintert.
Terug naar: