Site hosted by Angelfire.com: Build your free website today!

Kolibrivlinder

Macroglossum stellatarum
Pijlstaarten

De kolibrivlinder behoort tot de familie van de pijlstaarten.
De meeste pijlstaarten vliegen ’s nachts maar de kolibrivlinder vliegt ook overdag.
De spanwijdte kan oplopen tot 50 mm.
De voorvleugels zijn bruin van kleur, de achtervleugels geel.

De vlinder is vooral bekend om zijn vlieggedrag.
Als een kolibri hangt hij voor bloemen stil in de lucht
terwijl hij met behulp van zijn lange roltong van de nectar snoept.
Hierbij worden ook (gekweekte) bloeiende planten
op balkons en in tuinen bezocht.
Terwijl hij voor een bloem in de lucht hangt gaan zijn vleugels op en neer
met ongeveer 80 slagen per seconde wat een hoorbaar zoemgeluid geeft.
In rust zit hij vaak op muren, schuttingen e.d.

De kolibrivlinder is in Zuid-Europa een standvlinder
die elk jaar naar het noorden trekt.
Hij is vanaf juni tot oktober bij ons te zien.
100 tot 200 vlinders per jaar is normaal
maar in hele warme zomers kan hun aantal oplopen tot vele 1000-den.

De vlinder heeft een spanwijdte van 40 – 50 mm.
Het borststuk en de voorvleugels zijnbruingrijs
met vage dwarsstrepen, de achtervleugels oranjegeel.
De achterlijfspunt heeft een karakteristieke
zwart-wit geblokte tekening.

Het vrouwtje legt in de vlucht haar eitjes op walstro en meekrap.
De rups wordt tot 65 mm lang en heeft een groen of bruin lijf.
Hierop zitten kleine, witte wratjes, een witte subdorsale lijn,
een gele streep onder de stigma's en een zwarte pijl
met bruine punt op segment 11.
De rupsen verpoppen in de grond en vanaf augustus
vliegen ook hier geboren vlinders rond.
Eitjes, poppen en vlinders overleven onze winters over het algemeen niet.
Enkele van de hier uitgekomen vlinders vliegen terug naar het zuiden.


 
 
 
 
Terug naar:

Home
Vlinders
Soortbeschrijvingen