
De kamperfoelie-uil is een nogal ongewone vlinder
uit vooral de oostelijke helft van het land.
Enige concentratie bevindt zich in het grensgebied van Friesland en Drenthe,
op de zandgronden van Gelderland en op de Utrechtse heuvelrug.
Buiten deze gebieden is de soort schaars tot helemaal afwezig.
De hoofdvliegtijd ligt tussen eind februari en begin mei
waarbij er één generatie is.
De vlinder, met een spanwijdte van 32 – 40 mm, is overdag
rustend aan te treffen op stammen en palen.
's Nachts bezoekt hij regelmatig wilgenkatjes.
De bruinachtig-gele rups (mei tot juli) wordt door goede camouflage zelden gezien.
Hij zit zeer dicht tegen takjes gekleefd.
Jonge rupsen zijn zeer actief,
oudere rupsen zijn rustiger en alleen nachtactief.
Ze voeden zich met kamperfoelie.
De pop overwintert.

Terug naar: