Site hosted by Angelfire.com: Build your free website today!

Kameeltje

Notodonta ziczac
Tandvlinders

Het kameeltje komt in geheel Nederland voor.
Hij vliegt vooral langs bosranden, in houtwallen, plassengebieden
en andere vochtige gebieden waar zijn voedselplanten groeien.
De soort vliegt in 2 (soms 3) generaties per jaar.
De vlinder vliegt van half april tot augustus / september.

De spanwijdte bedraagt 40-45 mm.
De voorvleugels zijn roodbruin met in het midden
van de voorrand een trapeziumvormige, grijze vlek.

De eieren worden in hoopjes op de twijgen van de voedselplanten afgezet.
De rups leeft op verschillende boomsoorten (vooral wilg en populier).
Hij is gemakkelijk te verwarren met die van de dromedaris.
Het lichaam wordt tot tot 40 mm lang, is grijs van kleur
met een bruine dorsale lijn op segment 1 tot 7
en verhogingen op de segmenten 6, 7 en 11.
Vaak is er een oranjeachtige vlek op de zijkanten
van de paar laatste segmenten.
Het is door de bulten die de rups draagt dat de vlinder
zijn Nederlandse naam heeft gekregen.
In rust neemt de rups een zigzaghouding aan.
Overwintering geschiedt als pop in een cocon in de grond.


 
 
 
 
Terug naar:

Home
Vlinders
Soortbeschrijvingen