
De vliegperiode van de houtkleurige vlinder is van augustus
via de winter tot in mei.
Hierbij vliegt de soort in één generatie.
Het is bij ons een zeldzame vlinder met slechts af en toe een waarneming
en dan ook nog verspreid over het hele land.
De spanwijdte van de vleugels bedraagt 50 – 57 mm.
De kleur bestaat uit bruinschakeringen zonder grijs
en hij is in het bezit van een vage ringvlek.
De zwarte pijlvlek reikt van de booglijn tot bijna aan de niervlek.
De vlinder wordt aangetrokken door buddleja en wilgenkatjes.
De eiafzetting vindt plaats na de overwintering.
De rups is te vinden van mei tot juli.
Hij is zeer variabel: lichte rupsen zijn groen
met of zonder geringe grijsbruine tekening,
donkere vormen hebben een donkerbruine bovenkant met witte puntwratten.
Als voedsel dienen diverse planten en bomen.

Terug naar: