
De hoofdvliegtijd van de heidewitvlakvlinder
ligt tussen begin juli en half augustus.
Hierbij is er één generatie.
Het is in ons land een zeldzame verschijning
en dan nog slechts in een beperkt gebied.
Kleine concentraties komen voor in het oosten van Zeeuws-Vlaanderen,
het zuiden van de Veluwe en het grensgebied van Friesland,
Groningen en Drenthe.
Zowel in 1997 als in 2003 werden op de Rechte Heide bij Tilburg
een aantal rupsen van de heidewitvlakvlinder gevonden.
Het mannetje vliegt overdag.
Het vrouwtje is vleugelloos en wordt in haar popspinsel bevrucht.
De vlinder kan geen voedsel opnemen.
Het ei overwintert.
De rups is te zien van mei tot juli levend op heidesoorten en gagel.
Hij verpopt in een geel spinsel op de waardplant.

Terug naar: