
De graswortelvinder is een gewone soort in geheel Nederland.
Hij leeft vooral op open, grazige plaatsen, in bouwland
en andere plaatsen waar zijn voedselplanten groeien.
Ook in dorpen wordt hij wel aangetroffen.
De soort heeft 1 generatie per jaar.
De vlinder vliegt van eind mei tot september/oktober,
maar aan het eind van de vliegtiijd zijn de aantallen veel minder.
Wat uiterlijk betreft is de graswortelvlinder een variabele soort.
Het is een van de grotere uilen met een spanwijdte van 45 – 55 mm.
De vlinder is schemerings- en nachtactief en wordt aangetrokken door licht.
Hij rust in de kruidlaag of tegen stammen en palen.
De eiafzetting vindt plaats in de bladschede van grassen.
De rups leeft van augustus tot mei en overwintert als halfvolwassen rups.
Vooral op pollenvormende grassen komen ze voor.
De jonge rupsen zitten waarschijnlijk in de bloeiwijze.
Er wordt niet van de wortels gegeten.
Wel zit hij in een holletje in de grond bij de graswortels net onder het bodemoppervlak.
Vandaaruit bevreet de oudere rups de stengelbasis.
De rups wordt vooral in het voorjaar gevonden,
kruipend op zoek naar een popplaats.
Hij verpopt in de grond.

Terug naar: