
Uiltjes vallen niet alleen op door hun vorm en tekening.
De meeste hebben net achter de kop grote, harige uitwassen.
Bij de gelduil vallen deze heel erg op: het zijn net een paar oren!
De kleur en tekening zijn onmiskenbaar.
De rustende vlinder heeft een opmerkelijk hoge zit.
Deze nachtvlinder is in Nederland een schaarse soort die je echter vooral aantreft in tuinen,
omdat de rupsen uitsluitend leven van monnikskap en ridderspoor.
Het zijn ook deze planten die de mate van verspreiding bepalen.
Hij is met een spanwijdte van maximaal 37 mm qua grootte
een heel normaal uiltje dat vooral vliegt in juni en juli.
Vaak treedt in beperkte mate een tweede generatie op in augustus en september.
De rups, die te vinden is april tot juni en juli/augustus, overwinterd.
De jonge rupsen leven in spinsels.
In de nacht, maar ook wel overdag komen ze er uit om te foerageren,
meestal zittend onder op een blad.
De jonge rups heeft zwarte, puntvormige wratjes.
Het volwassen exemplaar is eenkleurig groen met witte flanklijnen
en een fijne, dubbele witte ruglijn.
Hij overwintert in cocon aan onderkant van een blad.
Deze cocon is eerst wit, later goudgeel.
Terug naar: