
De hoofdvliegtijd van de geelschouderspanner ligt tussen half juli
en begin oktober waarbij er in één generatie gevlogen wordt.
De vlinder is een vrij gewone verschijning
en komt in het hele land voor.
Hij is echter schaars of helemaal ontbrekend op de kleigronden.
De vlinder heeft een gele kop en schouders en een spanwijdte van 38 – 42 mm.
De rups voedt zich op verscheidene loofbomen.
Terug naar: