Site hosted by Angelfire.com: Build your free website today!

Bruine snuituil

Hypena proboscidalis
Uilen

Het meest opzienbarende aan deze vlinder is natuurlijk het feit dat het een uiltje is.
Het lijkt immers veel meer op een spannertje.
Behalve dat snuituilen op spanners lijken, hebben ze ook allemaal een snuitje.
De voorvleugels hebben een wat spitse vorm en zijn grijs- tot geelbruin.
De dwarslijn die over de vleugel loopt is donkerbruin.
De achtervleugels zijn witgrijzig.
De spanwijdte bedraagt 25 – 38 mm.

Het is een heel gewone soort die van begin mei tot in oktober rondvliegt
in de buurt van de waardplant van de rupsen: brandnetels.
De bruine snuituil vliegt in de schemering.
In rust heeft hij de vleugels in deltavorm
met opvallende snavelachtig uitstekende palpen.
Hij is gemakkelijk uit de vegetatie op te jagen,
vooral in de late namiddag of op sombere dagen.

Jaarlijks vliegten er 2 generaties.
De rupsen leven veelal met meerdere bij elkaar.
Ze leven van juli tot mei op grote brandnetel
maar ook op hop en overwintert daar ook.
Wanneer ze volgroeid zijn verpoppen ze zich in een losse cocon
tussen het blad.


 
 
 
 
Terug naar:

Home
Vlinders
Soortbeschrijvingen