Site hosted by Angelfire.com: Build your free website today!

Bastaardsatijnvlinder

Euproctis chrysorrhoea
Donsvlinders

De bastaardsatijnvlinder vliegt van eind mei tot half augustus
waarbij er slechts één generatie is.
Het is een gewone soort in de hele kuststrook inclusief de waddeneilanden.
Ook komt hij wel voor in de rest van het land,
maar hier zijn de aantallen veel kleiner.

De vleugels zijn wit van kleur op enige kleine zwarte puntjes na
die ook wel ontbreken.
Ook de ruige thoraxbeharing is wit.
De vlinder kan geen voedsel opnemen.

Het vrouwtje bedekt haar legsel met haren
uit de geelbruine pluim op lichaamsuiteinde.
De jonge rupsen leven op loofbomen en struiken
in een gemeenschappelijk spinsel van stevige zijde aan uiteinden van twijgen.
Ze zijn te zien vanaf september tot in juni van het volgende jaar.
In de duinen vallen de winternesten op in de kale duindoorn.
Na de winter wordt het winternest nog gebruikt bij slecht weer,
daarna leven de rupsen solitair.
Soms komt kaalvraat voor bij hoge rupsdichtheid.

De rups wordt tot 40 mm lang.
Zijn lijf is bijna zwart met bruine haren en er bevindt zich een serie
subdorsale witte tekens en een rode plek op de rug van segmenten 9 en 10.
Hij heeft geen bult op de rug.
De haren van de rups en het spinsel hebben een sterke netelwerking.
De verpopping vindt plaats in een los spinsel.
 
 
 
 
Terug naar:

Home
Vlinders
Soortbeschrijvingen