De doolhof
In de dwaaltuin
was ik dwalend
Dolend in het puin
was mijn leven falend
De nacht brak aan
Een schemer zwakke verlichting
Ik bleef even stilstaan
En volgde op dat moment geen richting
De hemellichamen
Benaderde me toen stil
En brachten me samen
Met mijn onbegrensde wil
Waar de wil is, was mijn pad
De droom was mijn poort
Waardoor ik het lusthof intrad
Eenmaal binnen slenterde ik voort
Mijn droom verduisterde
Rustig, kalm en vreedzaam
Maar gebrekkig stervende
Werd ik plots eenzaam
De opkomende dageraad
Verloste me van mijn benauwende droom
Maar het was wederom te laat
Ik ontwaakte als een dwaze gnoom
© 2003 copyright. Alle Rechten Voorbehouden. All Rights Reserved.
De informatie op de website is bedoeld voor persoonlijk, niet-commercieel gebruik. Elke vorm van herpublicatie van de inhoud zonder voorafgaande, schriftelijke, toestemming is niet toegestaan.