Site hosted by Angelfire.com: Build your free website today!

    De enige, voor de hand liggende mogelijkheid leek een eventuele overval op het Huis van Bewaring, dat evenwel in het hart van de stad lag. Tegenwoordig lijkt het voor veel mensen een vanzelfsprekendheid om zo/n actie uit te voeren: boeken en films over de oorlog hebben een glorieus beeld doen ontstaan. Maar voor degenen die daadwerkelijk verzet pleegden was er de mogelijkheid dat ze het wellicht niet zouden overleven en dat zij, indien gearresteerd, gemarteld zouden worden. Bovendien was er de mogelijkheid dat er tegen hun familie represailles genoemd konden worden. Het vergt extreme moed om te doen wat zij deden.

   Toen eenmaal was besloten om het Huis van Bewaring te overvallen, organiseerden ze voorzichtig maar toch gehaast de logestiek in termen van wapens en onderduikadressen. Ze hadden enkele wapens evenals een stuk of wat Duitse uniformen. Gedurende enkele dagen hielden zij het Huis van Bewaring scherp in de gaten te einde te zien op wat voor tijden de wacht werd gewisseld en hoeveel Duitsers er aanwezig waren. Ze werden bij het verzamelen zeer geholpen door een gevangenisbewaarder die in het Huis van Bewaring werkte.

   Op 10 december verzamelde de groep zich op het adres Kloosterstraat 9, waar Jan en Marie Bulthuis, 2 leden van de groep, met hun ouders woonden. Er was een sfeer van gespannen vertrouwen en de nacht werd doorgebracht in gebed alsmede het controleren van de van de wapens. Ook namen ze de plannen weer door. Het plan was dat Marie Bulthuis vroeg in de ochtend vanuit een portiek het Huis van Bewaring in de gaten zou houden teneinde te zien wanneer de nachtelijke bewaking zou vertrekken. Na dat vertrek zouden er omgeveer 25 minuten verstrijken voordat de dagploeg zou arriveren. Marie zou dan terug gaan naar de Kloosterstraat, een wandeling van minder dan een minuut, om de anderen te waarschuwen.

Vervolg.