KICK BOXING:
Bij kick-boxing, de Japanse variant van thaļ-boxing, maakt men gebruik van de vuisten, voeten en scheenbenen. De toegestane vuistslagen zijn: jabs, directen, hoeken en uppercuts. De toegestane beentechnieken zijn: cirkelvormige, rechtstreekse, achterwaartse en zijwaartse trappen. Op de dij en het been zijn alle cirkelvormige trappen toegestaan, men mag dus gebruik maken van de alombekende "low-kick". Dit is een cirkelvormige trap op het dijbeen, gegeven met het scheenbeen. Deze trap mag zowel aan de binnen- als buitenkant van het dijbeen worden gegeven. Het "clinchen" (lijf aan lijf gevecht), knie- en elleboogstoten zijn verboden. Men mag eveneens niet de tegenstander de rug toekeren (dit wordt beschouwd als een weigering tot het gevecht). De vechters dragen een korte of lange broek. Schelp (dit beschermt je edele delen), mondstuk en voetbeschermers zijn wettelijk verplicht. Beenbeschermers zijn toegestaan.