Lang niet iedere schoonmaakfreak of ‘pietje precies’ lijdt
aan OCD. Men kan perfectionistisch zijn, hoge eisen stellen aan zichzelf
en anderen, bijgelovig zijn en niet onder een ladder durven lopen, al
eens een ‘idee-fixe’ hebben of twee maal gaan kijken of de deur op slot
is: daarom ben je nog niet dwangziek. Extreem tijdverlies en een intens
gevoel van onbehagen bij het weerstaan aan de dwang gaat bij de ‘echte’
OCD samen met een innerlijk besef dat er iets mis is.
Wat is OCD / OCB?
Wanneer je Tourette hebt maak je ongeveer 50% kans om
ook OCD / OCB te ontwikkelen. Het treft mensen van alle leeftijden,
zowel jonge kinderen als jong volwassenen, maar misschien begint het
iets vaker in de puberteit.
Het is een probleem dat de neiging heeft om periodiek
toe of af te nemen. Meestal begint het geleidelijk maar soms start het
plotseling en neemt het vlug een ernstige vorm aan.
De symptomen van OCD zijn obsessies: vervelende
of verontrustende gedachten die steeds terugkomen en compulsies: dwanghandelingen
en rituelen. Dit alles manifesteert zich zo frequent het dagelijkse
leven erdoor verstoord wordt.
Wanneer er dwang aanwezig is die het leven niet verstoord,
m.a.w. minder dan 1 uur per dag in beslag neemt, dan spreekt men van
OCB. Alle symptomen van OCD kan men ook waarnemen bij OCB, doch
in mindere mate. Opgelet: voor de leesbaarheid gebruiken we vanaf
nu enkel de term OCD.
OCD kan behandeld worden, maar dan moet het eerst herkend
worden. Bij kinderen lijkt het soms om onredelijke angsten te gaan,
woedeaanvallen, koppige gewoonten, tegendraads zijn, niet willen meewerken
of andere gedragsstoornissen.
Tieners vertonen soms een afkeer van school, mijden hun
vroegere vrienden en ruziën met hun ouders. Hun ouders staan voor
een raadsel en geraken gefrustreerd door dit vreemde gedrag.
Mensen met OCD weten dat hun dwanggedachten en -handelingen
irrationeel en de overdreven zijn, maar toch kunnen ze er niet mee stoppen.
Personen met OCD staan voortdurend onder zware stress en zijn daardoor
vlug geïrriteerd, boos en gesloten.
Hoe vaak komt OCD voor?
Ongeveer twee à drie per 100 mensen heeft OCD.
De gedragingen van iemand met OCD lijken ‘gek’, maar de persoon die
ze uitvoert is het zeker niet. Doordat de OCD lijder zich zo goed van
het absurde van zijn handelingen bewust is, ontstaat er ook angst om
er over te praten, omdat anderen misschien zullen denken dat hij of
zij gek is.
De meeste houden hun OCD daarom verborgen voor de buitenwereld
en zoeken ook geen, of te laat hulp, enerzijds omdat ze vaak denken
dat er geen hulp bestaat, anderzijds omdat ze zich te erg schamen. Dit
verklaart tevens waarom dokters soms denken dat OCD niet zo vaak voorkomt.
Wat zijn de symptomen?
Obsessies en / of compulsies die zo ernstig zijn dat ze
het werk, de studies of de familierelatie verstoren en die veel tijd
op slorpen, t.t.z. meer dan één uur per dag.
De volgende obsessies kunnen zich voordoen: (deze
gedachten duiken herhaaldelijk op al doet de persoon nog zo z'n best
om ze te verdringen)
-
angst voor bacteriën, besmetting, vuil, vermijdingsgedrag
-
gewelddadige gedachten (bvb. zich inbeelden dat
men iemand vermoordt, waardoor men als bijkomende probleem krijgt
dat bvb. een kind van zichzelf begint te denken dat het doorslecht
is)
- angstaanjagende of obscene mentale gedachten
-
angst om in de toekomst iets verkeerd te doen (
fout maken op het werk, werk verliezen), of om iemand kwaad te doen
-
angst dat men misschien in het verleden fouten gemaakt
heeft of schuldig is aan iets
-
pathologisch twijfelen, ook aan zichzelf, hoe men
overkomt bij anderen, geen beslissingen kunnen nemen
-
de behoefte om dingen exact, tot in de details,
te moeten weten of zich te moeten herinneren
-
overfocussen op onbenullige details, een bepaald
idee of plan niet kunnen loslaten
-
overfocussen op ethische discussiepunten (waar /
niet waar, rechtvaardig / onrechtvaardig)
-
irrationele angst dat er iets verschrikkelijk gaat
gebeuren (brand, ongeval)
-
voortdurend aan voedsel en eten moeten denken
-
buitensporig denken aan of zich zorgen maken over
symmetrie, orde, rangschikken en tellen, mentale spelletjes
-
zich overdreven verantwoordelijk voelen voor de
veiligheid van anderen
-
niets kunnen weggooien, geen afstand kunnen doen
van nutteloze of versleten voorwerpen omdat men denkt dat ze nog
ooit belangrijk kunnen zijn
-
niet kunnen verdragen dat iemand te dichtbij
komt (de warmte, de adem niet willen voelen, niet aangeraakt
willen worden)
Compulsies: (deze handelingen worden steeds opnieuw
en opnieuw uitgevoerd)
-
veelvuldig controleren van bijvoorbeeld sloten,
lichtschakelaars, gasfornuis, ramen, deuren, kleding
-
dingen tellen of op een specifieke manier groeperen
-
teveel handen wassen, douchen, baden, schoonmaken,
zonder een echt voldaan gevoel te krijgen
-
werk herbeginnen om het volmaakt te krijgen, teksten
steeds opnieuw herlezen omdat men denkt iets gemist te hebben)
-
dingen symmetrisch schikken of in een welbepaalde
volgorde
-
vragen ( steeds opnieuw) stellen
-
behoefte om te bekennen (ook onbelangrijke ‘foutjes’)
-
verzamelen of hamsteren van nutteloze voorwerpen
(oude kranten, lege verpakkingen,vuilzak controleren, enz.)
-
voorwerpen een exact aantal keren aanraken
- een zin die onderbroken wordt, absoluut moeten afmaken
- helemaal moeten herbeginnen wanneer men onderbroken wordt
- op alles wat er gezegd wordt moeten antwoorden, ook al is dit totaal
overbodig (lijkt op ‘ het laatste woord moeten hebben’
- voortdurend zijn kleding schikken (sokken, mouwen, kraag, das)
- niet kunnen stoppen met een taak, altijd nog iets moeten verbeteren,
controleren, toevoegen)
- duimzuigen
- stelen (zonder noodzaak, kleptomanie)
- handelingen herhalen: in / uit de deur, opstaan / zitten
- extreem nagelbijten.
Rituelen slorpen veel tijd op, in ruil voor een zeer kortstondige
verlossing van de dwanggedachten. Men kan veel of weinig van bovengenoemde
symptomen hebben of nog andere, die ook nog eens voortdurend kunnen
variëren in het verloop van de stoornis.
Is er een verschil tussen OCD gepaard met Tourette
en OCD zonder tics?
Bijna alle symptomen van mensen met enkel OCD, vindt men
terug bij TS. Daartegenover staat dat personen met TS + OCD soms nog
andere verschijnselen hebben. OCD bij TS begint vaker in de kindertijd
en gaat meer samen met een drang naar symmetrie, niet – gewelddadige
gedachten, overdreven bezig zijn met het uiterlijk, staren en tellen.
Er gaat ook minder angst mee gepaard, men wordt tot dwanghandelingen
gedreven door de jacht op perfectie, bv. het perfecte gevoel om net
door het midden van de deur te stappen, om iets perfect te zeggen, om
perfect schone handen of kleren te hebben. Haren uittrekken en nagelbijten
is ook meer eigen aan deze groep.
Enkelvoudige OCD manifesteert zich soms pas bij jong volwassenen
en gaat meer gepaard met wassen, poetsen, angsten en vermijdingsgedrag.
Nochtans is dit geen algemene regel, individuele verschillen
zijn altijd mogelijk.
De gevolgen
Kinderen of tieners geraken vaak bij het minste over hun
toeren. Ze zijn zo voortdurend bezig met zich zorgen te maken over hun
obsessief-compulsieve gedachten dat ze gewoon niet meer in staat zijn
om ook nog aan niets anders te denken of iets anders te doen. Het gebeurt
dat ze nergens naartoe willen gaan, geen honger hebben en veel op hun
kamer zitten, - steeds bezig om orde in hun gedachten te scheppen en
er greep op te krijgen.
Ze overstelpen hun ouders soms met vragen om gerust gesteld
te worden in verband met angsten voor ziektes, oorlog of ander onheil.
Handen wassen, tellen en controleren kunnen uren in beslag nemen. Soms
eisen deze kinderen dat de andere familieleden hier ook in betrokken
worden. Bvb.: het kind verbiedt iedereen om zijn bord, bestek,
kleding of deurklink aan te raken omdat het anders besmet zou kunnen
worden door ziektekiemen.
OCD bij kinderen kan zich soms ook enkel voordoen op school,
waardoor ouders niet beseffen wat er aan de hand is.
Soms zijn de getroffenen meesters in het verbergen van
hun symptomen. OCD kan algemene leerstoornissen veroorzaken. Deze kinderen
focussen soms op kleine, onbelangrijke details, ten koste van het geheel.
Deze starre fixatie op ‘juistheid’ staat de opname van de leerstof in
de weg.
80% van de volwassenen die hierover ondervraagd werd,
verklaarden als kind de grootste moeite te hebben gehad om aan de omgeving
uit te leggen wat er precies in hen omging. Ze konden er gewoon geen
woorden voor vinden.
Alarmsignalen bij kinderen
Deze kunnen zijn: te lang aan het huiswerk zitten, gaten
in het papier, letters of cijfers die herhaaldelijk overschreven zijn.
Ook vragen steeds herhalen, moeite hebben om het huis
te verlaten ( steeds op het nippertje of te laat), veel op hun kamer
verblijven, kort aangebonden zijn en eigenaardige gewoonten bij het
stappen of zitten.
Welke invloed heeft dit op families?
Volwassenen met OCD kunnen zich ontmoedigd voelen en een
depressie ontwikkelen. Gevoelens
van intense angst, onrust en weerzin zijn gemeengoed.
Meestal geraakt de hele familie betrokken in de OCD. Ouders
beginnen soms dingen te controleren in de plaats van het kind om tijd
te winnen. Iedereen moet op een bepaalde manier door de deur gaan of
wachten om de kamer te verlaten tot het kind tien maal het licht aan
en uit heeft gedaan. De familie loopt bij wijze van spreken op de tenen
rond het kind, in de hoop aldus woede-uitbarstingen en frustraties te
voorkomen wanneer de dwanghandelingen niet genoeg uitgevoerd werden
of niet op de juiste manier.
Wat zijn de complicaties bij OCD?
- niet naar school gaan
- door de zorgen niet goed kunnen eten of slapen
- depressief en ontmoedigd worden
- sociaal isolement
- alcohol en drug gebruik bij tieners
- familiale problemen
Wat is de oorzaak?
Alhoewel het een van de best onderzochte stoornissen is,
blijven er nog raadsels.
Dit weten we:
-
OCD zit in de familie
- er zijn afwijkingen te zien in de hersenen met zeer speciale hersenscans
- de neurotransmitter serotonine is erbij betrokken
- OCD kan soms veroorzaakt worden door hersenletsel of hersenontsteking
- recente studies linken OCD aan virale of bacteriële infecties
- al deze feiten vertellen ons dat het een fysieke stoornis is.
Heden zien we OCD dan ook meer als een neurologische hersenprobleem
dan als een psychologisch probleem. Er is geen enkel bewijs dat stress
of emotionele conflicten aan de basis liggen. Maar OCD symptomen kunnen
wel toenemen wanneer de persoon onder stress staat.
Het verloop
Indien niet behandeld, is het verloop meestal chronisch
met afwisselend toe- en afname van symptomen. In sommige gevallen verdwijnt
het met de jaren, doch soms wordt het verloop gekenmerkt door een progressieve
verslechtering.
Het gebeurt dat OCD invalidiserend is, hospitalisatie
wordt noodzakelijk, uit werken gaan onmogelijk. Aan de andere kant zijn
er vele succesvolle volwassenen die goed functioneren ondanks de OCD.
Men zou kunnen stellen dat de meerderheid een normaal leven leidt, een
leven dat echter nog succesvoller was geweest zonder de OCD. De emotionele
en economische prijs die voor de OCD moet betaald worden door het individu
zelf, zijn familie en de samenleving, is enorm.
Hoe behandel je OCD?
Medicatie
In geval het om OCB gaat, waar de dwang erg zenuwslopend
en vervelend is, maar toch ook niet zo erg dat het dagelijkse leven
ontreddert wordt, kan men meestal verlichting vinden met medicatie alleen.
In de jaren ‘70 ontdekte men medicatie, SSRI’s, die de
neurotransmitter serotonine beïnvloedde. Voordien bestonden er
eigenlijk geen effectieve medicijnen.
Er zijn ongeveer een zestal medicamenten die helpen voor
OCD. Het oudste en meest effectieve is clomipramine (Anafranil).
Doch recentere medicijnen zoals fluoxetine, fluvoxamine,
paroxetine en sertraline hebben het voordeel dat ze minder vervelende
bijwerkingen hebben. Soms kan de toevoeging van een tweede medicatie
zoals lithium, clonazepam of pimozide het effect van het hoofdmedicament
versterken.
De werking van de medicatie neemt gedurende enkele weken
geleidelijk toe en dikwijls voelt men zich na enkele maanden nog steeds
verbeteren. Men moet het medicament minstens zes maanden nemen, dan
kan men eventueel zeer geleidelijk afbouwen, dit om zeker te zijn dat
de symptomen niet terug de kop opsteken.
Sommige mensen kunnen dan stoppen met de medicatie, anderen
zullen ze echter veel langer moeten nemen omdat de symptomen steeds
terugkomen. Ook als het middel werkt, kan het toch zijn dat niet alle
OCD verschijnselen verdwijnen.
SSRI’s moeten steeds geleidelijk afgebouwd worden om ontwenningsverschijnselen
te vermijden. Deze verschijnen meestal binnen de week na het stoppen
en verdwijnen spontaan binnen de drie weken. Symptomen van ontwenning
kunnen zijn: duizeligheid, misselijkheid, zich slaperig voelen of juist
slapeloosheid, hoofdpijn.
Gedragstherapie
Gewoontepatronen zoals wassen en controleren gaan vaak
niet weg met medicatie alleen, het lijkt wel een verslaving te zijn
die alleen overwonnen kan worden door oefening.
Men vraagt aan volwassenen en tieners met OCD om zichzelf
bloot te stellen aan de gevreesde situatie, zoals b.v. het aanraken
van een lichtschakelaar, en dan niet toe te geven aan het uitvoeren
van de compulsie zoals handen wassen (exposure / response prevention).
Soms is het noodzakelijk om de badkamerdeur op slot te doen, zodat het
ritueel stopt. Voor kinderen is dit een grote uitdaging en zeer confronterend:
zij worden vaak kwaad, raken over hun toeren en kunnen zo wanhopig worden
dat ze dreigen met weglopen of met zichzelf of anderen pijn doen. Een
beproefde mogelijkheid om met kinderen te werken is, hen duidelijk maken
dat de OCD een soort monster is dat baas over hen speelt, en hen aanmoedigen
om terug te vechten.
Als we hen kunnen helpen om met hun ouders team te vormen
tegen de OCD, dan kan dit tot succes leiden. Soms moeten de kinderen
hiervoor enige tijd opgenomen worden in de kliniek, omdat het erg moeilijk
is voor de ouders om hier, zonder ondersteuning, thuis aan te beginnen.
Gedragstherapie vraagt veel moed. Weerstaan aan de drang
om bepaalde rituelen uit te voeren is even angstaanjagend als uit een
vliegtuig springen. Veel oefening doet de terreur geleidelijk afnemen.
Gedragstherapie blijkt echter volgens de Obsessief-Compulsieve
verenigingen en vele individuen met OCD, de enige behandeling die mogelijk
vruchten kan afwerpen. Psychoanalyse en gesprekstherapieën helpen
niet. Gecombineerd met medicatie kan gedragstherapie zelfs blijvende
positieve resultaten scoren.
Personen met OCD moeten geen angst hebben dat er op enig
moment dwang op hen uitgeoefend zal worden. Ze hebben zelf inspraak
in de therapie. Het is een fabeltje dat men, om goede resultaten te
bereiken, moet beginnen met onmiddellijke blootstelling aan de meest
gevreesde angsten. Het tegenovergestelde is waar, een bekwaam therapeut
zal zijn patiënt begeleiden in het behalen van kleine, hanteerbare
overwinningen, stap voor stap. Wij hebben zelf ook al eens gehoord van
therapiecentra waar men de kandidaten onmiddellijk aan het ergste blootstelt,
onder het motto: eens dat doorsparteld, wordt al de rest makkelijker.
Moest u ooit in een dergelijk centrum terechtkomen, weet
dan dat u in verkeerde handen bent.
Intensieve gedragstherapie impliceert o.a. de patiënt
inzicht verschaffen in de mechanismen van OCD, het geven van cognitieve-
en angsttherapie en de begeleiding van de ganse familie. Men kan deze
behandeling ambulant volgen, maar soms is een opname in een gespecialiseerde
kliniek noodzakelijk. Wanneer een behandelingsplan opgesteld wordt dient
men rekening te houden met het volgende:
Ben je er klaar voor?
Gewoon van je OCD af willen is niet genoeg.
Emotionele stabiliteit, inzicht in, en totale aanvaarding
van het probleem en de behandelingsmethoden, zijn noodzakelijke voorwaarden,
evenals bereidheid om absolute prioriteit te geven aan de behandeling,
al moet je er vakantie of loopbaanonderbreking voor aanvragen.
Andere vereisten zijn: de bereidheid om ongemak en frustratie
te verdragen, een goed beeld hebben van je motivatie om beter te worden,
maar ook van wat je kan hinderen op deze tocht. Verder een goed opgezet
plan om praktische problemen op te lossen zoals vervoer, gezinshulp
en financiën.
Alhoewel er dus vele factoren zijn waar rekening mee gehouden
moet worden alvorens een behandeling te starten, zal het merendeel van
de OCD - lijders die het engagement aangaan kunnen rekenen op goede
resultaten.
De combinatie medicatie (voldoende hoog gedoseerd) / gedragstherapie
(lang genoeg volgehouden), is ideaal.
80% van de behandelde personen reageert op de behandeling.
20% zagen de symptomen volledig verdwijnen.
50% verbeterden dusdanig dat ze terug functioneerden en waren sociaal
aangepast.
10% zagen een lichte verbetering maar werden niet sociaal aangepast.
Na de behandeling
Zelfvertrouwen opbouwen. OCD creëert problemen op
school bij vrienden en familie. Kinderen vinden het leven en zichzelf
soms maar niks wanneer de OCD aan de touwtjes trekt.
Wanneer ze aan de beterhand zijn hebben ze soms extra
hulp nodig op school en een duwtje in de rug om hun gewone activiteiten
terug op te nemen.
Bronnen: British Columbia’s Children’s Hospital, Vancouver
Teresa Flyn Ph. D., St. Louis Behavioral Medical Institute /
Anxiety Center
Shery Boschert, Clinical Psych. News 27 (4): 18, 1999
Petter T, Richter MA, Sandor P, J Clin Psych. 1998 sep; 59 (9):
456-9
Lezersbrief
Het blijkt dat de Tourette van mijn 14-jarige zoon
zich uitgebreid heeft tot het domein van de dwanghandelingen. Alhoewel
sommige van zijn gedragingen nog lichtjes amusant zijn en door toevallige
omstanders als een grap of een spel zullen beschouwd worden, merk ik
toch een toename in de frequentie en de tijd die hij spendeert aan het
ordenen en rangschikken van voorwerpen, de manier waarop hij over het
tegelpatroon van onze vloer loopt enz.
Het meest stoort het ons dat hij op een explosieve
manier op zijn handen blaast. Dit is zo geweldig en luidruchtig dat
ik er telkens van schrik. Welke medicatie wordt er meestal voorgeschreven
wanneer de dwanghandelingen te uitputtend worden. Welke bijwerkingen,
hebben ze op nog niet volgroeide jongeren?
Minstens 66% van de mensen met T.S. heeft op een bepaald
moment in het leven last van O.C.B (obsessive-compulsive behavior=gedrag).
Zeker de helft hiervan wordt hierdoor ernstig gehinderd
in het dagelijkse leven. Wanneer O.C.S. dergelijke proporties aanneemt,
spreekt men van O.C.D.(obsessive-compulsive disorder=stoornis).
De beschrijving van de symptomen bij uw zoon kan op O.C.D.
wijzen, maar vooraleer een nieuwe diagnose te stellen of nieuwe medicatie
te geven, moet het volgende overwogen worden:
- Indien de symptomen zich niet dagelijks voordoen, vervolgens niet
meer dan 1 uur per dag in beslag nemen en het dagelijkse leven niet
verstoren, dan kan het verstandig zijn om af te wachten. Ondertussen
kan je een arts , vertrouwd met O.C.D., consulteren.
- Gedrag zoals het blazen op de handen ligt op de grens tussen complexe
tics en dwanghandeling. Dit onderscheid is belangrijk want medicatie
voor O.C.D. zal niet helpen voor de tics.
- Wanneer er plots een toename van symptomen is moet men nagaan
of dit niet te wijten is aan ziekte (fysiek) of stress. Ook in dit
geval: begrip tonen en afwachten.
Indien het echter wel degelijk om O.C.D. gaat is er een
keuze aan medicatie. De nieuwe anti-depressiva: clomipramine (Anafranil),
fluoxetine (Prozac), fluvoxamine , sertraline (Serlain), paroxetine
(Seroxat), kunnen effectief zijn in de behandeling van O.C.D.
Clomipramine en fluoxetine zijn meer uitgebreid bestudeerd
bij kinderen en zijn wellicht de eerste keuze. Proeven tonen aan dat
zij het serotonine systeem in de hersenen activeren. De dosis moet langzaam
opgebouwd worden, het kan enkele weken duren vooraleer het effect merkbaar
wordt. Deze medicaties worden meestal goed verdragen; bijwerkingen kunnen
zijn: slapeloosheid meer energie, motorische rusteloosheid, vermoeidheid
en diarree. Meestal verbetert dit door de dosering aan te passen.
Met dank overgenomen uit de T.S.A. newsletter.